Duiktabellen


Duiktabellen
Aan het begin van de vorige eeuw was er nog weinig bekend van gassen en van gassen onder druk en de invloed hiervan op het menselijk lichaam. De Engelsman John Scott Haldane heeft zich bezig gehouden met deze materie en decompressietabellen opgesteld. De tabellen die wij, als sportduiker gebruiken, zijn allen afgeleid van de tabellen zoals Haldane ontwikkelde.

Twee duiken met een intervaltijd van 10 minuten of minder worden als één duik gerekend. Duiken met een interval tussen 10 minuten en 12 uren, worden herhalingsduiken genoemd, duiken met een intervaltijd van meer dan 12 uren worden als twee onafhankelijke duiken gerekend. Duiktabellen zijn belangrijk om de duiktijd te berekenen, met name voor de vervolgduiken doordat hier meer stikstof in het lichaam opgenomen wordt. (zie ook ons artikel over Caisson-ziekte).

Duiktabellen, van welke organisatie dan ook, werken allen volgens hetzelfde principe:
Na een duik tot een bepaalde diepte en van een bepaalde lengte, komen we uiteindelijk aan de oppervlakte. Aan de hand van de diepte en tijd van de duik, vindt men op de tabel een bepaalde letter. Deze letter geeft de opname van stikstof in ons lichaam aan en wordt stikstofgroep of drukgroep genoemd. Na een oppervlaktetijd (Surface Interval Time) zal er stikstof uit ons lichaam ontsnappen via de zogenaamde ontgassing. Na de oppervlakte interval tijd, vindt men op de tabel een tweede letter die de dan geldende groep aangeeft. Aan de hand van deze nieuwe groep kan men de vervolg-duik plannen: de maximale diepte en tijd kan aan de hand van deze tweede letter opgezocht worden in de tabel. Bij de te plannen duiktijd voor de vervolgduik zal een extra tijd opgeteld worden, hetzij via de in de tabel aangegeven extra tijd of via de in de tabel aangegeven index-factor, afhankelijk van de organisatie.

De meeste duiktabellen voor sportduikers zijn zodanig ontwikkeld dat de duiktijd, inclusief afdaling en opstijging, geen decompressie-stop vereist. We noemen deze tabellen dan ook NIET-DECOMPRESSIE-TABELLEN. (Een veiligheidsstop wordt aanbevolen bij duiken van dieper dan 18 meter, 3 minuten op 3 tot 5 meter.) Er zijn echter ook duiktabellen die gebruikt kunnen worden voor langere bodem-tijden met als gevolg de vereiste decompressie-stops. Dit kunnen een of meerdere stops zijn op verschillende dieptes.
Tevens staat op de tabel de maximale stijgtijd die geldt voor de tabel. De getallen van de tabel zijn berekend aan de hand van deze maximale stijgtijd. Ook zijn er tabellen die gebruikt kunnen worden om duiken te plannen waarbij een ander gas-mengsel gebruikt wordt. Tijdens je duikopleiding zal uitgelegd worden hoe de duiktabellen voor jouw organisatie gebruikt moeten worden.


De ACUC Duiktabellen.

Tabel A:

Tabel A wordt gebruikt om geen-herhalings duiken te berekenen EN om herhalingsduiken te berekenen nadat de nieuwe bodemtijd gevonden is in tabel C. De bedoeling van tabel A is om de zogenaamde "Simple Exit Group" (SEG) letter te vinden. De tabel zal tevens aangeven of een decompressiestop vereist is, en zoja, hoeveel en op welke diepte en voor welke tijd.


Om de Simple Exit Group letter te vinden, wordt eerst de diepte (in meters) in de linker-kolom opgezocht. Hierna wordt de bodemtijd opgezocht door naar rechts te gaan tot de aangegeven tijd (in minuten) gevonden wordt. Zolang in het groene gedeelte gebleven wordt, is een decompressiestop niet vereist, geel geeft de zogenaamde nul-tijd aan, de maximale tijd op deze diepte zonder deco-stop, het rode gedeelte geeft de decompressiestops aan, bijvoorbeeld "S3-5", hetgeen betekent een stop op 3 meter voor 5 minuten.
Indien nu de gevonden waarde naar beneden gevolgd wordt, zal men bij een letter uitkomen, deze letter geeft de SEG waarde aan.
Voorbeeld: Diepte="18", duiktijd="40", SEG="E" en behoeft geen decompressiestop (groen).
<.p>

Tabel B:
Deze tabel is uitsluitend nodig indien een herhalingsduik gepland wordt. De bedoeling van deze tabel is om, via de "Surface Interval Time" (SIT) - de tijd die men aan de oppervlakte doorbrengt tussen de twee duiken om de stikstof te laten "ontgassen", een nieuwe letter te vinden. Deze nieuwe letter noemen we de "Interval Exit Group" (IEG) letter.


De tabel begint aan de bovenste rij met de SEG-letter die men in tabel A heeft gevonden. Vervolgens zoekt men de oppervlakte tijd (in uren:minuten) op in de linker-kolom. Vanaf de SEG-letter beweegt men nu naar beneden tot men de nieuwe IEG-letter vindt die overeenkomt met de oppervlakte-tijd.
De nieuwe IEG-letters lopen van M t/m X of het woord "FREE". "FREE" geeft aan dat de opgenomen stikstof van een vorige duik totaal verdwenen is, de letters M t/m X geeft aan dat er nog stikstof van de vorige duik in het lichaam aanwezig is.
Voorbeeld: SEG van tabel A="E", SIT="2:00-2:59", IEG="O"

Tabel C:
Deze tabel geeft de "Maximum Non Decompression Limits" (MNDL) voor herhalingsduiken aan, afhankelijk van de diepte van deze herhalingsduik alsmede de "Repetitive Index" (RI) voor duiken met decompressiestops.


De tabel bestaat uit 4 gedeeltes: de bovenste rij geeft de diepte van de herhalingsduik aan, de meest linker-kolom geeft de "Repetitive Index" (RI) aan, daarnaast vindt men de "IEG"-letter die gevonden werd in tabel B, het resterende gedeelte van deze tabel geeft de "Maximum Non Decompression Limit" (MNDL) aan.
De "Repetitive Index (RI), vermenigvuldigd met de "Actual Bottom Time" (ABT) van de herhalingsduik, geeft de "Total Bottom Time" (TBT) welke hierna weer gebruikt wordt in tabel A om de nieuwe SEG en eventuele deco-stops te berekenen. De "RI" is uitsluitend bestemd om duiken met decompressiestops te plannen.

Men begint bij de tweede kolom van links met de IEG-letter die gevonden werd in tabel B. Vervolgens zoekt men de diepte voor de herhalingsduik in de bovenste rij. Op het kruispunt van de IEG en de diepte vindt men de MLND in minuten voor de herhalingsduik. Indien men binnen deze gevonden duik-tijd blijft, is hiet niet nodig de RI te gebruiken aangezien een decompressiestop niet noodzakelijk is.

Indien men een langere duik-tijd dan aangegeven wenst, dient men de ABT te vermenigvuldigen met de RI om zodoende een nieuwe TBT te vinden. Vervolgens neemt men de nieuwe TBT en gebruikt men deze om in tabel A het aantal decompressiestops met de daarbij horende tijd en dieptes te vinden.

Voorbeeld: IEG van tabel B="O", diepte herhalingsduik="24", MNDL="16" (minuten)


Voorbeelden

Duik tot 25 meter met een lengte van 20 minuten

Tabel A: 25 meter (wordt 27), naar rechts tot 20 minuten geeft Simple Exit Group (SEG) "D"
Een decompressiestop is niet vereist.

Duik tot 30 meter met een lengte van 20 minuten

Tabel A: 30 meter, naar rechts tot 20 minuten (wordt 21) geeft Simple Exit Group (SEG) "E"
Een decompressiestop is vereist op 3 meter voor 10 minuten!

Eerste duik: 20 meter en 20 minuten,
Oppervlakte tijd: 1:30,
Tweede duik: 15 meter en 40 minuten.

Tabel A: 20 meter (wordt 21), naar rechts tot 20 minuten = SEG="C", een decompressiestop is niet vereist.

Tabel B: Oppervlakte tijd voor 1:30 en SEG van tabel A="C", geeft een IEG="N"

Tabel C: Met een IEG="N" naar een diepte van 15 meter geeft een MNDL="55". Met een geplande maximale tijd van 40 minuten is een decompressiestop niet vereist.

Eerste duik: 20 meter en 30 minuten,
Oppervlakte tijd: 1:30,
Tweede duik: 18 meter en 40 minuten.

Tabel A: 20 meter (wordt 21), naar rechts tot 30 minuten = SEG="E", een decompressiestop is niet vereist.

Tabel B: Oppervlakte tijd voor 1:30 en SEG van tabel A="E", geeft een IEG="P"

Tabel C: Met een IEG="P" naar een diepte van 18 meter geeft een MNDL="29". Met een geplande maximale tijd van 40 minuten is men over de MNDL en daarom dient een decompressiestop gemaakt te worden.
De RI voor IEG="P" geeft "1.4", hetgeen vemenigvuldigd wordt met de ABT.
Dus: 40 minuten (ABT) X 1.4 (RI) = 56 minuten (TBT).
Tabel A: 18 meter, naar rechts tot 56 minuten (wordt 60), geeft aan dat een decompressiestop gemaakt moet worden op 3 meter voor 5 minuten. (De nieuwe SEG is na deze twee duiken: "G").
Eerste duik: 21 meter en 20 minuten,
Tweede duik: 18 meter en 35 minuten.
Hoe lang moet de Surface Interval Time (SIT) zijn om de tweede duik zonder decompressiestop uit te kunnen voeren?

Tabel A: 21 meter, naar rechts tot 20 minuten = SEG="C", een decompressiestop is niet vereist.

Tabel C: Een repetative dive naar 18 meter voor de tijd van 35 minuten vereist tenminste een "Interval Exit Group" (IEG) van "N".

Tabel B: Om van SEG="C" naar IEG="N" te komen is de INTERVAL TIME minimaal "1:30" uren.


De US-NAVY Duiktabellen.

Tabel 1:

Tabel 1 is de No-Decompression Limits and Repetative Group Designation Table.

Om de drukgroup te vinden zoek je eerst de diepte op (feet of metres) en het mooie is dat je gelijk op de tabel al kunt zien wat de No-Deco Limit (min) is zonder helemaal aan het eind van de duiktijden to hoeven kijken. Zoek de duiktijd door naar rechts te gaan en eenmaal gevonden staat daar recht boven de drukgroup voor deze duik.
Voorbeeld: Diepte="24.4", duiktijd="30", resulteert in drukgroep "G".

Tabel 2:

Tabel 2 is de Residual Nitrogen Timetable for Repetative Air Dives.

Vervolg met de drukgroup-letter van tabel 1 tot de oppervlakte- interval en recht daar onder vind je de nieuwe drukgroup.
Voorbeeld: Drukgroep="G", oppervlakte-interval="2:00", New Group Designation="D".

Tabel 3:

Tabel 3 is de Extra Dive Time Table.

Volg de drukgroup-letter van tabel 2 en op het kruispunt met de diepte voor de te plannen herhalingsduik vind je de extra duiktijd die opgeteld moet worden bij de duiktijd. Zoek tenslotte in Tabel 1 de drukgroup van de berekende totaaltijd.
Voorbeeld: Drukgroep="D", Diepte herhalingsduik="18.2", ExtraDuikTijd="24".


De PADI Duiktabellen.

Tabel 1:

Tabel 1 wordt gebruikt om de GEEN DECOMPRESSIE LIMIETEN te vinden en de DRUKGROEP na een enkele of een herhalingsduik.
De tabel 1 staat links op de voorkant van de duiktabel.

Om de drukgroep aanduiding te vinden, wordt eerst de diepte (in meters) in de bovenste kolom opgezocht. Hierna wordt de bodemtijd opgezocht door naar beneden te gaan tot de aangegeven tijd (in minuten) gevonden wordt. Zowel uiterst links als aan de rechterkant wordt dan de dukgroep aangeduid in de vorm van een letter.
Voorbeeld: Diepte="18", duiktijd="41", resulteert in drukgroep "P".

Tabel 2:

Tabel 2 wordt gebruikt om de drukgroep te vinden na een oppervlakte interval. Deze drukgroep is nodig om een herhalingsduik te plannen.
De tabel 2 staat rechts op de voorkant van de duiktabel.

Om de drukgroep te vinden wordt vanaf de drukgroep die gevonden was in tabel 1, naar rechts gegaan tot aan de tijd die overeenkomt met de oppervlakte interval en de aangegeven tijd in tabel 2. Vervolgens recht naar beneden waar de nieuwe drukgroep gevonden wordt.
Voorbeeld: Diepte="18", duiktijd="41", resulteert in drukgroep "P". Na een oppervlakte interval van 1:00 uur komt men terecht in drukgroep "E".

Tabel 3:
De bedoeling van deze tabel is om, via de nieuwe drukgroep die na de oppervlakte-interval gevonden was in tabel 2, een herhalingsduik ta plannen.


Vanaf de drukgroep die was gevonden na de oppervlakte interval gaat men recht naar beneden tot de aanduiding die overeenkomt met de gewenste diepte die aan de linkerkant wordt weergegeven. De gevonden waarde geeft een wit en een blauw vakje weer.

wit veld: geeft extra duiktijd (EDT) aan in minuten; moet bij de duiktijd (DT) opgeteld worden.
blauw veld: geeft de aangepaste geen decompressie limiet aan. De duiktijd mag deze tijd niet overschrijden.
extra duiktijd (EDT) + duiktijd (DT) = totale duiktijd (TDT).

Voorbeeld:
1e duik, 18 meter, 41 minuten,
oppervlakte interval 1 uur,
2e duik 16 meter, 40 minuten.

Tabel 1: Diepte=18, duiktijd=41, resulteert in drukgroep "P".
Tabel 2: Na een oppervlakte interval van 1:00 uur komt men terecht in drukgroep "E".
Tabel 3: Een herhalingsduik naar 16 meter geeft een waarde van Extra Duik Tijd = 21 minuten en een maximale geen-decompressie limiet van 51 minuten.
De nieuwe drukgroep na deze twee duiken wordt gevonden door de EDT=21 op te tellen bij de DT=40 wat dus 61 minuten TDT wordt. Via tabel 1 wordt tenslotte de drukgroep gevonden via diepte=16, duiktijd=61, hetgeen "U" wordt.

Opmerkingen: Een veiligheidsstop van 3 min. op 5 mtr is vereist voor elke duik binnen 3 drukgroepen vanaf een geen decompressie limiet en voor duiken naar 30 mtr en dieper.


De NAUI Duiktabellen.

Tabel 1:

Deze tabel is om de Einde Duiktijd Drukgroep te vinden. Als eerste wordt de diepte van de duik opgezocht in de kolom aan de linkerkant. Vervolgens naar rechts tot de duiktijd gevonden wordt en dan onderaan staat de Einde Duiktijd Drukgroep in de vorm van een letter. De maximale duiktijd wordt omcirkeld weergegeven.
Voorbeeld: Diepte="18", duiktijd="40", resulteert in drukgroep "G".


Tabel 2:
Deze tabel is om de Nieuwe Drukgroep te vinden en aan de hand van de Drukgroep van tabel 1 wordt naar beneden toe de oppervlakte tijd gevonden. Naar de kolom aan de linkerkant wordt dan de nieuwe drukgroep gevonden.
Voorbeeld: Diepte="18", duiktijd="40", resulteert in drukgroep "G". Na een Surface Interval Time (SIT) van 1:30 uur wordt links de letter "E" gevonden.


Tabel 3:
Deze tabel is om de Extra duiktijd en maximale NON-decompression limit te vinden. Komende vanaf rechts met een bepaalde letter, wordt naar links toe een tweetal waardes gevonden voor de te plannen diepte die bovenaan wordt weergegeven.
Voorbeeld:
Vanaf "E" naar links tot de te plannen diepte van 15 meter geeft twee waardes:
38 = Extra duiktijd, moet bij werkelijke duiktijd opgeteld worden om nieuwe Exit Group te vinden op tabel 1.
42 = maximale Non-Decompression limit voor een herhalingsduik naar deze diepte.


Voorbeeld:
Duik 1: diepte 18 mtr, duiktijd 40 min.
SIT: 1:30 uur
Duik 2: diepte 15 mtr, duiktijd 40 min.

Tabel 1:Een diepte van 18 meter (links) en dan naar rechts tot de duiktijd van 40 minuten wordt gevonden. Nu naar beneden geeft een Einde Duiktijd Drukgroep van "G".
Tabel 2:Vanaf de letter "G" naar beneden tot de tijd van 1:59 tot 1:16 wordt gevonden (1:30 valt daar tussen). Nu naar links geeft de Nieuwe Drukgroep "E".
Tabel 3:Vanaf "E" naar links tot de diepte van 15 meter bovenaan geeft een Extra Duiktijd van 38 minuten. De maximale non-decompression limit is 42 minuten.
Tabel 1:Een duik naar 15 meter voor de totale duiktijd van 38 + 40 = 78 minuten. Volgens de tabel wordt dat 80 minuten (tevens de maximale tijd) en geeft dan de letter "J" als Einde Duik Drukgroep.


NITROX Duiktabellen.

Deze tabellen zijn ontwikkeld om duiken te plannen waarbij met verrijkte lucht gedoken wordt. Afhankelijk van het percentage zuurstof, 32% of 36%, kan een tabel geraadpleegd worden. Andere percentages kunnen gebruikt worden maar dan moet eerst de overeenkomstige diepte met lucht bepaald worden zodat een 'gewone' tabel gebruikt kan worden. De werking van deze tabel is exact hetzelfde als de lucht-tabel.



Probeer het zelf.

Via onderstaande tabel kun je zelf een berekening maken op een te plannen duikprofiel. Als resultaat krijg je dan de Extra Duiktijd (EDT) en de Maximale Non-Decompression Limit (MNDL).
Deze berekening is niet bedoeld om een daadwerkelijke duikplanning mee te maken maar als ondersteuning voor bovenstaand artikel!!

diepte van eerste duik (in meters)
bodemtijd van eerste duik (in minuten)
lengte van de oppervlakte interval (in minuten)
geplande diepte van tweede duik (in meters)
Resultaat: